IT-berichtgeving in de Hypeocratie: een onderzoeksopzet

Standaard
Een onderzoek naar het hoe en waarom van de Hypeocratie kan natuurlijk niet om de berichtgeving over technologiehypes heen? Welke rol spelen de IT-media, en de meer algemene media, bij het ontstaan en instandhouden van een hype? Bieden de IT-media bijvoorbeeld een onafhankelijke, kritische journalistieke duiding van technologische ontwikkelingen (want op de technologieredactie moet daar de nodige kennis en deskundigheid voor aanwezig zijn, toch?), of is het veeleer een kritiekloos doorplaatsen van persberichten van leveranciers en de niet-zo-onafhankelijke analisten?
Bekijken we de Nederlandstalige IT-media, dan heb ik daar -op voorhand- wel al een mening over. Deze mening is gevormd door het volgen van letterlijk honderden nieuwsbronnen sinds 2005, er is dus sprake van redelijk wat vergelijkingsmateriaal.

De Nederlandse IT-media, kort door de bocht

Een korte duiding dan maar van een aantal media:
  • Computable zou ik geen journalistiek medium (meer) noemen, maar veeleer een weblog van leveranciers die ’expertorials’ mogen schrijven. Een ’expertorial’ is een als deskundige bijdrage vermomde advertentie. Het kan een heel goed geschreven advertentie zijn, maar van een onafhankelijke, kritische duiding van een fenomeen is slechts in beperkte mate sprake.
  • Bij de Automatiseringgids schijnt een consequente afkeer te bestaan van fatsoenlijke bronvermeldingen. De overdaad aan doorgeplaatste persberichten van analisten zonder zelfs maar de titel van of een linkje naar het oorspronkelijke (niet-zo-onafhankelijke) onderzoek is mij al een tijdje een doorn in het oog. Het ontbreken van bronvermeldingen maakt een goede check lastig en is -mijns inziens- ook wat respectloos voor de oorspronkelijke auteur(s).
  • Op Webwereld struikel je gelukkig soms nog over originele content inzake IT-dingetjes in Nederland, met dank aan een interessant gezelschap van klokkenluiders en influisterende hackers. Gelukkig maar, want daarnaast is het vooral een eigenaardige mix van Control+c/Control+v – plakwerk (al dan niet vertaald), het doorplaatsen van persberichten en een ’link bait’ om de reaguurders op stang te jagen.

Een stukje duiding van journalistiek in Nederland

Dit was even heel kort door de bocht ;-). Ik ben me er ook van bewust dat het voor de -veelal- freelancende journalistieken geen vetpot is om voor de IT-media te schrijven. Het schrijven van meer evenwichtige en diepergravende artikelen kosten tijd (en daarmee geld), tijd die er niet is of niet wordt gegeven. De journalistiek in Nederland staat onder druk en dat is voor de IT-journalistiek (nog steeds een niche) niet anders. Wat dat betreft kan ik de oratie van Jeroen Smit, sinds 14 mei hoogleraar Journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen, aanraden als leesvoer. Smit stelt dat het oude verdienmodel van massamedia die door adverentieinkomsten in de lucht worden gehouden na ruim 170 jaar over en uit is. De ’boosdoener’ is het internet. Het oude verdienmodel leunde op de schaarste van het aantal kanalen.

Tot de komst van het internet. In een klap maakt schaarste plaats voor overvloed. Adverteerders en lezers kunnen eindeloos kiezen, zelf nieuwe paden inslaan op zoek naar informatie en contact. Massamedia die tot dan het monopolie op onze informatievoorziening hebben, de belangrijkste nieuwsbrengers zijn en voor de eerste versie van onze geschiedschrijving zorgen, krijgen het moeilijk. Erg moeilijk. Er is sprake van een destructive innovation, een ontwrichtende vernieuwing.

De zoektocht naar nieuwe verdienmodellen acht Smit kansloos.

Ik denk dat de ontwrichting dieper gaat, dat het de hoogste tijd is dat de makers, journalisten, zich over de snel veranderende behoeftes gaan ontfermen. Dat zij zich gaan verbinden aan de mensen waarvoor ze werken en die ze willen verheffen. Daarvoor zullen journalisten nieuwe maakmodellen moeten bedenken, nieuwe manieren om journalistiek te bedrijven. Als ze daarin slagen, komen de verdienmodellen vanzelf.

De cijfers stemmen niet tot optimisme. Amerikaanse adverteerders spendeerden in 2005 47,5 miljard dollar aan advertenties in kranten, in 2011 was dat 20 miljard. In Nederland is het teruggelopen van 1,16 miljard euro (2000) naar 502 miljoen (2011). Content online plaatsen levert veel en veel minder inkomsten op. De redacties worden kleiner, de oplagen worden kleiner en de inschatting is dat over vijf tot zeven jaar de papieren media zijn verdwenen. Maar wat mogen we dan, in algemene zin, van de online media verwachten? Smit zegt in zijn oratie het volgende:

Uit onderzoek (blijkt dat 80 procent van al het online verspreide nieuws bestaat uit het herverpakken van al bestaand nieuws. En dat van dat echte originele nieuws bijna 50 procent door de lokale kranten wordt gemaakt en 45 procent door de redacties van de lokale radio- en televisiestations. Met andere woorden: als in een stad die krantenredacties omvallen, halveert het aanbod van nieuw nieuws.

Tachtig procent herverpakken van bestaand nieuws! Daar komt bij dat de lezers snelheid verwachten en dat belangrijker vinden dat duiding, evenwicht, beschouwing.

Niet alleen het publiek hoeft /wil voor het snelle nieuws niet meer te wachten op de verificatie- vertaalslag door journalisten. Hetzelfde geldt voor, overheden, het bedrijfsleven; de aanbieders van het nieuws. Meer en meer vinden ze elkaar direct online of anders langs een van die snelle online media. Juist door die snelheid verandert het nieuws zelf ook. De spelregels die bepaalden wanneer nieuws de krant in mocht, één bron is geen bron, hoor- wederhoor, strikte scheiding van feiten en commentaar, zijn op de snelle nieuwssites grotendeels ondergeschikt gemaakt aan beschikbaarheid en snelheid. Online kan ieder bericht op ieder moment bovendien worden verbeterd, aangepast, verrijkt. Geruchten en nieuws-in-wording zijn nu ook interessant. Het internet zorgt voor ‘death of distance’: de afstand tussen het nieuws en de consument wordt minimaal. Iedereen is er als het ware constant bij. Gratis.

En de ’wisdom of the crowd’ dan? De grote menigte van deskundigen die via de sociale media het licht op fenomenen laat schijnen? Smit stelt dat slechts een paar procent van de burgers als ingevoerde burgerjournalisten gekenmerkt kan worden, “en dan meestal in becommentariërende zin”. Er is wel behoefte aan, een noodzaak van duiding, overzicht en verdieping in een wereld die sneller en sneller hele en halve feiten van het internet plukt.
De oratie van Smit zal ongetwijfeld niet het laatste woord zijn over de toekomst van journalistiek, maar geeft wel een schets van het tijdsgewricht en het spanningsveld tussen papier en online. Dus ik snap dat een freelancende journalist, die voor een artikeltje een paar rottige euro’s krijgt, een als artikel geschreven persbericht -al dan niet met een een beperkte aanpassing- snel doorplaatst: Vijftien minuten werk versus twee uur werk voor hetzelfde bedrag. Maar hoe groter de schaal waarop dit gebeurd, des te sterker draag je bij aan de Hypeocratie.

Opzet van het onderzoek

Voor het boek wil ik mij niet beperken tot mijn persoonlijke en hoogst subjectieve duiding van de Nederlandstalige IT-media. Wat is ga doen is het categoriseren van alle artikelen die in de verschillende online IT-media verschijnen, gedurende een periode van 1 a 2 weken. Op mijn voorlopige lijstje staan Webwereld (en aanverwanten), Computable, Automatiseringgids, Tweakers, Nu.nl en een aantal ’channel media’. Hoe origineel zijn de geplaatste artikelen? Wat zijn de bronnen, hoe onafhankelijk zijn ze? Is er sprake van confrontatie met andere bronnen? Bij Control+c/Control+v plakwerk, wat waren de oorsponkelijke artikelen? Welke hypes en trends zijn besproken, wat was de inhoud, de toonzetting?
Bij elkaar moet dit een meer gekwantificeerd beeld opleveren van de berichtgeving over IT en technologietrends in Nederland. Een volgende vraag is dan welke impact dit heeft op de Hypeocratie? En, erg belangrijk, wat betekent dit voor ons, als lezers?
Ik moet de periode van het onderzoek nog bepalen, maar als je zin hebt om mee te werken aan de dataverzameling ben je van harte welkom.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s