Transhumanisme versus Neo-Luddisme

De term “Hubris” (of Hybris) bekt wel lekker. Het woord heeft iets eloquents, iets wetenschappelijks, het trekt de aandacht, bij mij althans. Dus als ik tegen een artikel met de titel: “The Hubris of Neo-Luddism” aanloop, moet ik wel gaan lezen. Het neo-luddisme is een van de prisma’s waardoor ik naar de vraag: “Waarom snappen we technologie niet?” kijk. Wat is “hubris” (Engels) of “hybris” (Nederlands)? Volgens Wikipedia kan het als volgt worden omschreven:
“het Oudgriekse woord voor overdreven trots, hoogmoed, overmoed, grootheidswaanzin, brutaliteit, onbeschaamdheid met name tegenover de Griekse goden en/of de goddelijke wereldorde. Het woord hybris heeft geen goede Nederlandse vertaling die het begrip volledig dekt, maar kan in de moderne tijd nog het beste omschreven worden met het gezegde ‘hoogmoed komt voor de val’.”
Franco Cortese, de schrijver van het artikel, vraagt zich af of de neo-luddieten niet meer last hebben van de blinde arrogantie dan de transhumanisten wordt verweten. Het transhumanisme zal ongetwijfeld deze periode wat meer in de belangstelling staan, want het staat centraal in het duistere plot dat professor Robert Langdon in Dan Brown’s Inferno ontrafelt. Via de trend Singularity is transhumanisme op mijn radarscherm terecht gekomen. Kortweg zijn de transhumanisten er stellig van overtuigd dat onze technologische vooruitgang ons in staat gaat stellen de beperkingen van het ‘mens zijn’ te overstijgen, waarbij singularity een wat scherpere focus heeft op een sprong in kunstmatige intelligentie. Het is niet vreemd dat de moderne neo-luddieten, met hun kritische -soms anti-technologische- houding ten aanzien van de impact van technologie op het menselijk bestaan en de natuur, zich tegenover de transhumanisten plaatsen. Welke van de twee bewegingen heeft het meest last van “hubris”, van de blinde zelfoverschatting die uiteindelijk tot de ondergang moet lijden?


Cortese vertrekt vanuit een vrij negatief geformuleerde definitie van het neo-luddisme of bio-luddisme, de term die het Institute for Ethics & Emerging Technologies gebruikt. Ik pluk maar even wat kenmerkende citaten van de betreffende wikipagina:
Bioluddites come from a variety of political backgrounds, ranging from anarchists (such as anarcho-primitivists) to political conservatives (such as eco-fascists).

Bioluddites who do not argue up front that technology is intrinsically bad believe that it will inevitably be used by the elite and powerful to subjugate the less powerful and should therefore be abandoned. Some Bioluddites hold that medicine makes people sick and should therefore be eliminated.

The actions and words of Unabomber Theodore Kaczynski and groups like the Earth Liberation Front may also be seen as a militant articulation of Luddism.

Some Bioluddite green anarchist militants have taken the prospect of a Singularity seriously enough to have called for violent direct action to stop it.
Al Qaida is er niets bij.

De crux van de discussie

Volgens Cortese staan transhumanisme en neo-luddisme niet zozeer fundamenteel anders tegenover technologie, maar tegenover de individuele vrijheid van de mens. Het transhumanisme beoordeelt nieuwe technologie naar de mogelijkheden om de mensheid radicaal te verbeteren, zodat ieder afzonderlijk kan bepalen hoe hij/zij zijn/haar leven wil leiden, zonder de beperkingen die de omgeving en onze menselijke natuur nu aan ons opleggen.
We do not seek to radically transform Humanity against their will; indeed, this is so off the mark as to be antithetical to the true Transhumanist impetus – for we seek to liberate their wills, not leash or lash them. We seek to offer every human alive the possibility of transforming themselves more effectively according to their own subjective projected objectives; of actualizing and realizing themselves; ultimately of determining themselves for themselves. We seek to offer every member of Humanity the choice to better choose and the option for more optimal options: the self not as final-subject but as project-at-last.
De neo-luddieten daarentegen accepteren, in de optiek van Cortese, de beperkingen van de omgeving en onze menselijke natuur en willen anderen, ook toekomstige generaties, verhinderen daar fundamenteel iets aan te veranderen.
They actively seek the determent, relinquishment or prohibition of technological self-transformation, and believe in the heat of their idiot-certainty that they have either the intelligence or the right to force their own preference upon everyone else, present and future. Such lumbering, oafish paternalism patronizes the very essence of Man, whose only right is to write his own and whose only will is to will his own – or at least to vow that he will will his own one fateful yet fate-free day.
In bredere zin stelt Cortese, mijns inziens, dat het niet aan de huidige generatie is om (technologische) vernieuwing op welke manier maar ook aan banden te leggen als daarmee de kans bestaat dat toekomstige generaties daar de vruchten niet van kunnen plukken. De technologie staat centraal in het transhumanistische denken:
While the emphasis on technology predominant in Transhumanist rhetoric isn’t exactly misplaced (simply because technology is our best means of affecting and changing self and society, whorl and world, and thus our best means of improving it according to subjective projected objectives as well) it isn’t a necessary precondition, and its predominance does not preclude the inclusion of non-technological attempts to improve the human condition as well.

Waar ging het trouwens om bij de oorspronkelijke Luddieten?

Cortese staat vervolgens stil bij de oorspronkelijke Luddieten, de thuiswevers die de industriële weefgetouwen aan puin sloegen in 1811-1813. Terecht stelt hij dat de historische luddieten niet tegen technologie zodanig waren, maar tegen de impact van nieuwe technologie op hun leven en leefomstandigheden.
And in terms of base-premises, it is not as though Luddites are categorically against technology in general; rather they are simply against either a specific technology, a specific embodiment of a general class of technology, or a specific degree of technological sophistication. After all, most every Luddite alive wears clothes, takes antibiotics, and uses telephones. Legendary Ludd himself still wanted the return of his manual looms, a technology, when he struck his first blow. I know many Transhumanists and Technoprogressives who still label themselves as such despite being weary of the increasing trend of automation.

Wat Cortese betreft is niemand tegen technologie in het algemeen, alleen tegen specifieke uitingen daarvan:
In other words no one is against technology in general, only particular technological embodiments, particular classes of technology or particular gradations of technological sophistication. If you’d like to contest me on this, try communicating your rebuttal without using the advanced technology of cerebral semiotics (i.e. language).

Technologie als absolute waarde?

In zijn argumentatie zet Cortese dus iedere technologie op eenzelfde golflengte. Vanuit zijn transhumanistische denkkader is het weefgetouw thuis hetzelfde als een industrieel weefgetouw en aan een volledig geautomatiseerde textielfabriek. Wat impact van de technologie is op het menselijk bestaan, het milieu, onze gezondheid, onze welvaart, ons welzijn, de sociale en maatschappelijke structuren, onze cultuur, bij dat alles staat Cortese niet lang stil.
This was the Luddites’ own concern: that automation would displace manual work in their industry and thereby severely limit their possible choices and freedoms, such as having enough discretionary income to purchase necessities. If their government were handing out guaranteed basic income garnered from taxes to corporations based on the degree with which they replace previously-manual labor with automated labor, I’m sure they would have happily lain their hammers down and laughed all the way home. Even the Amish only prohibit specific levels of technological sophistication, rather than all of technology in general.
In tegenstelling hiermee maakt de cultuurcriticus Neil Postman wel een onderscheid naar de verschillende technologieën door ze te plaatsen binnen verschillende culturen: ‘tool-using cultures’, de technocratie en de technopolie. In de meest eenvoudige vorm werd/wordt technologie gebruikt om specifieke problemen op te lossen of spelen ze een symbolische rol.
… the main characteristic of all tool-using cultures is that their tools were largely invented to do two things: to solve specific and urgent problems of physical life, such as in the use of waterpower, windmills, and the heavy-wheeled plow; or to serve the symbolic world of art, politics, myth, ritual, and religion, as in the construction of castles and cathedrals and the development of the mechanical clock. In either case, tools did not attack (or, more precisely, were not intended to attack) the dignity and integrity of the culture into which they were introduced. With some exceptions, tools did not prevent people from believing in their traditions, in their God, in their politics, in their methods of education, or in the legitimacy of their social organization. These beliefs, in fact, directed the invention of tools and limited the uses to which they were put. (Neil Postman, Technopoly, 1993)
In de optiek van Postman is de technologie dan ingekaderd in de cultuur, wordt ze gestuurd en gevormd door de cultuur. In een technocratie beginnen de ‘tools’ de status quo ter discussie te stellen:
In a technocracy, tools play a central role in the thought-world of the culture. Everything must give way, in some degree, to their development. The social and symbolic worlds become increasingly subject to the requirements of that development. Tools are not integrated into the culture; they attack the culture. They bid to become the culture. As a consequence, tradition, social mores, myth, politics, ritual, and religion have to fight for their lives. (Neil Postman, Technopoly, 1993)
Voor Postman waren de Luddieten slachtoffers van de technocratie.
Their discontent was expressed through the destruction of machines, mostly in the garment and fabric industry; since then the term “Luddite” has come to mean an almost childish and certainly naïve opposition to technology. But the historical Luddites were neither childish nor naïve. They were people trying desperately to preserve whatever rights, privileges, laws, and customs had given them justice in the older world-view. (Neil Postman, Technopoly, 1993)
De technocratie kan zich ontwikkelen tot een technopolie. Technopolie is, in de woorden van Postman, een totalitaire technocratie die een hang naar traditionele waarden niet meer kan tolereren. Niet langer is de mens de maatstaf, maar is technologie de maatstaf waaraan de mens wordt afgemeten. Sociale, culturele, maatschappelijke of ecologische kaders zijn niet langer relevant om de ‘ethiek’ van een technologie te bepalen.
Goed, dat wil niet zeggen dat transhumanisten zich niet bezig houden met ethische discussies, maar het is wel duidelijk dat zij zich in Postman’s technopolie meer thuis voelen.

Wie heeft de meeste hybris?

Cortese schrijft de neo-luddieten de meeste blinde arrogantie toe. Zij eigenen zich immers het recht toe voor zichzelf, voor anderen en voor toekomstige generaties beperkingen op te leggen aan het gebruik van technologie. Maar, al lezende, denk ik dat het verschil tussen de transhumanist Cortese en de bioluddieten die hij voor ogen heeft niet zo heel groot is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen. logo

Je reageert onder je account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )


Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )


Verbinden met %s